Het is weer zover, het fonkelnieuwe voetbalseizoen staat voor de deur. Op de vraag hoeveel keer deze openingszin in het verleden al gebruikt is in artikels aangaande de voetballerij moet ik het antwoord schuldig blijven. Laat het ons bij veel houden, teveel eigenlijk. ‘Teveel’, het aantal doelpunten dat we dit jaar weer in onze netten mogen verwachten. Jazeker, ook dit jaar zal weer garant staan voor de nodige hoeveelheden frustratie. Op zich geen probleem, voor mij althans, gezien in het verleden frustratie de beste voedingsbodem is gebleken voor mijn literaire uitspattingen.
Met opgeheven hoofd, gebalde vuist en blik op oneindig storten we ons dus andermaal in de leeuwenkuil zijnde ‘het minivoetbal’. Na twee opeenvolgende jaren van sporadische vernederingen kan dat qua masochistische neigingen alvast tellen nietwaar. Vanzelfsprekend moeten we uitgaan van onze eigen sterkte. Het vel van de beer niet verkopen eer hij geschoten is weet je wel. D2D valt natuurlijk niet te vergelijken met een beer, hoogstens met een schizofrene grondeekhoorn die last heeft van een mank linkerachterpootje. Zonder te raken aan de waardigheid van alle in- en uitheemse eekhoornsoorten wil ik maar zeggen dat we als ploeg onze rol moeten kennen, en dat is die van de underdog.
Geen plezanter positie om vanuit te opereren dunkt mij. De heroïek van David tegen Goliath heeft me altijd al enorm aangesproken. Alle miserie van die kansloos verloren matchen in één klap vergeten bij het aanschouwen van de verbouwereerde gezichten van de zogezegd hoger aangeschreven tegenstrevers die net tegen Klein Duimpje in het zand gebeten hebben. Want vergis u niet, om de zoveel tijd slaat de underdog toe. Genadeloos hard en zonder weerga, als een geslepen predator die zijn argeloze prooi wekenlang in het vizier had om op een onbewaakt moment verschroeiend uit te halen. Geduld en volharding zijn voor ons dan ook geen holle begrippen maar puur vakjargon. Niets wordt aan het toeval overgelaten. Enkel wanneer zich een ploeg aandient met het ideale profiel transformeert ons zootje ongeregeld in een moordmachine die zijn gelijke niet kent. Wat dat profiel juist inhoudt verschilt van geval tot geval maar onderschatting blijft zonder twijfel de hoofdfactor. Inderdaad, ons sterkste wapen bevindt zich in de psyche van de opponent. Langzaam doch zeker wordt de mentale weerbaarheid aangevreten door eigen vooringenomenheid. Wat uiteindelijk resulteert in onverzorgd spel. Voor ons hét signaal om alle zeilen bij te zetten en in te beuken op de dan al zieltogende vijandelijke formatie. Waar bij de tegenstand vertwijfeling steeds verder in de rangen sluipt, groeit bij ons het vertrouwen zienderogen. Iedere baltoets drijft het mes nog wat dieper in de wonde. En éénmaal de geur van angstzweet in de arena is het hek van de dam, dan is het slechts een kwestie van tijd tot de spreekwoordelijke genadestoot.
Respect en ontzag zullen hoe dan ook worden afgedwongen. Want wij, verstotelingen van het moderne voetbal, buigen waar een ander allang zou zijn gebarsten.
Brecht Gryspeert